Al gelachen vandaag?

 

 

Een glimlach is de                                                                                                                                                                                                           zonlachen blog

die de winter

van je gezicht

verdrijft.

(Victor Hugo)

 

 

 

 

 

Lachen is de reactie van mensen op humor, of een uiting van blijdschap, opluchting of spanning.
Al gelachen vandaag?
Ik lachte gisteren om een grapje van mijn man. Hij heeft wel enkele leuke grapjes en hij vertelt nooit dezelfde. Soms gelijken ze goed op elkaar, maar dat doet er niet toe. Mijn man tovert altijd een glimlach op mijn gezicht.

Een Vlaming kan altijd drie keer lachen om een mop.

De eerste keer als je ze vertelt,

de tweede keer als je ze uitlegt

en de derde keer als hij ze begrijpt.

(Louis Paul Boon)

Ik lach vandaag, omdat de lucht er minder grijs uitziet. Het zonnetje geeft een blij gevoel en ik hang vrolijk de was  aan de droogmolen in onze tuin.

En ik lach morgen – zeker weten- om het liedje van ‘Ridder Martijn en ridder Koen’ dat mijn kleinkinderen met gebaren en al enthousiast zullen zingen.
Mijn kleinkinderen maken me blij. De twee oudste kleindochters zijn giechelkonten geworden, en een beetje jaloers denk ik terug aan die zorgeloze prille tienerperiode in mijn leven. Een ander kleinkind is een echte lachebek. Haar schaterlach werkt heel aanstekelijk en besmet in een mum van tijd heel haar omgeving. Mijn kleinzoons hebben dikwijls een grijnslach. Wie proberen ze nu weer een loer te draaien?
Ja, lachen is eigenlijk heel simpel. Het leven is veel te kort om er sip bij te lopen over dingen het echt niet waard zijn.

 

Lachen is een boeiend onderwerp. Het interesseert de wetenschap, de reclamewereld en degenen die kijkcijfers willen halen.
Als we lachen maken we een geluid dat we nauwelijks kunnen controleren. Een spontane lach maakt een spontaan geluid. Af en toe zweven er op het internet filmpjes met kraaiende en schaterende baby’s. Als je in een dipje zit en je kijkt naar zo’n filmpje, dan krullen je mondhoeken vanzelf omhoog.

De lach van een kind

is het mooiste geluid ter wereld.

De Mona Lisa heeft de beroemdste glimlach van heel de wereld. Hoeveel keer is haar glimlach al bekeken, gedeeld en bestudeerd? Elke dag passeren 20.000 mensen het schilderij in het Louvre. Een aantal jaren geleden was ik één van hen. Ik weet nog toen ik in dat indrukwekkende museum voor die beroemde glimlach stond, dat ik eigenlijk verbaasd was over de afmetingen van dat beroemde kunstwerk. Ik had me dat schilderij veel groter voorgesteld. Moest het niet duidelijk in de belangstelling staan, je zou er zo kunnen voorbij lopen. Over de glimlach van de dame zijn tientallen theorieën te vinden, van de mysterieuze glimlach van een zwangere vrouw tot de glimlach van Leonardo da Vinci zelf. Huidige software die emoties zou herkennen, geeft aan dat er voor 83% geluk in die lach zit. Oef, de beroemdste glimlach is dus een echte!

 

Behalve het gezicht van de Mona Lisa, moet je eens het gezicht van levende mensen observeren. Dat kan je doen als je aan het wandelen bent, of als je een terrasje doet. Ik vind dat mensen met een glimlach meer stralen. Ik krijg er zelf een glimlach van op mijn gezicht. Een oprechte glimlach is een reflexie van je karakter en zendt licht uit. Charles Gordy merkte op dat een glimlach een goedkope manier is om je uiterlijk te veranderen. Ik zou zelfs durven stellen dat een glimlach de beste facelift is die je jezelf kan geven. Kijk maar eens met een glimlach in de spiegel: je ziet er mooier, levendiger en jonger mee.

Je bent nooit helemaal gekleed

zonder glimlach.

(Martin Charnin)

 

Het is gemakkelijk om te glimlachen als je leven rustig verloopt. Maar wat doe je als dat leven in een stroomversnelling komt? In een storm? In een tsunami? Wat doe je als alles tegenzit? Zakt je gezicht dan in elkaar en kan er geen lachje meer af? Die sombere periode van je leven wordt nog somberder als je in de spiegel een gezicht ziet met neerhangende mondhoeken. Tegenslag is een deel van het leven, lift je mondhoek omhoog. Wilhelm Raaber zag het zo:

Humor

is de zwemgordel

op de rivier van het leven.

Ik heb al veel verhalen gelezen over dramatische oorlogen. In al die boeken waren er mensen in staat om die verschrikking te overleven door onder andere humor. In ons persoonlijke leven moeten we meer dan eens een oorlog uitvechten.

Het leven moet met liefde en met humor worden geleefd:

liefde om het te begrijpen,

en humor om het te dragen.

(Carlos Fisas)

 

Lachen en humor zullen onze levensvraagstukken niet oplossen, maar helpen ons wel er doorheen te spartelen. Het leven is ernstig, maar we nemen het soms te ernstig op. We moeten onszelf niet te serieus nemen, af en toe humor is goed. Het helpt ons door moeilijkheden en is als een tedere balsem wanneer dingen hard zijn. Toon Hermans zei:

Het leven is zeker niet altijd

‘een reden tot blij zijn’.

Om blij te zijn heb je moed nodig.

Daarom is het woord blijmoedig een veelzeggend woord.

 

In spreuken 17:22 staat: Een blij hart bevordert de genezing.
Ik heb dat zelf ondervonden. Gedurende een heel moeilijke periode van onbegrip, tegenwerking en vechten tegen windmolens, voelde ik me op en leeg. Ik voelde me zo verdrietig, zo onbekwaam. Het was moeilijk om nog licht te zien. Op een dag keek ik in mijn toverspiegel. Ik zag een doffe blik en een neerhangende mond. De spiegel, of hoe je het ook wil noemen, kuchte en zei heel liefdevol: Alleen al een glimlach zorgt voor een beter gevoel. Pas maar op, je wil je rimpels toch op de juiste plaats krijgen? 

So much in life

depends on our attitude.

The way we choose

to see things

and respond to others

makes all the difference.

To do the best we can

and then to choose

to be happy about our circumstances,

whatever they may be,

can bring peace and contentment.

We can’t direct the wind,

but we can adjust the sails.

For maximum happiness, peace and contentment,

may we choose

a positive attitude.

(Thomas S. Monson)

Mijn ‘toverspiegel’ liet me inzien dat een vrolijk hart het duister helpt op te trekken. Een vrolijk hart geeft mij kracht en laat hoop groeien. Ik kon niets aan de wind doen, maar heb mijn zeilen bijgestuurd. Dat was niet zo gemakkelijk, en af en toe wakkert de wind weer een beetje aan, maar ik kan weer lachen en echt gelukkig zijn.
En terwijl mijn ogen weer fonkelen en mijn mondhoeken omhoog krullen, fluistert de spiegel opnieuw: één glimlach kan duizend anderen aansteken. Wees die ene.

Een glimlach doorgeven, een vrolijke noot uitdelen, laat ook bij anderen het duister optrekken en plant een sterk zaadje van kracht en hoop. Het is een andere manier van dienstbetoon aan onze kinderen, onze ouders, onze familie, of aan onze vrienden die problemen hebben, of die gewoon een extra dosis van dit vrolijke medicijn nodig hebben.

Probeer eens een ander aan het lachen te maken. Het zal je een fijn gevoel geven. Een heel ander gevoel dan dat je anderen belast met je tegenslagen en klachten.
Onze noorderburen spreken over een ‘baaldag’. Gelukkig hebben wij dat woord niet in onze Vlaamse woordenschat. Misschien moeten we er wel een ‘lachdag’ in opnemen. Dat zou een geweldige dag zijn, juist nu in deze wereld, waar men soms wel van zou balen.

Het aansteken van een lamp in het donker

is het meest zinvol.

Lachen kost minder dan elektriciteit

en geeft minstens evenveel licht.

(Abbé Pierre)

Lachen is een hulpmiddel om de lucht op te klaren, om de spanning te verlichten, en ook gewoon om plezier te maken. Zoals met alle gereedschap moeten we ook dit hulpmiddel goed en wijs gebruiken. We weten allemaal wel dat in bepaalde situaties ‘grappig zijn’, onbeleefd of aanvallend zou overkomen.
Misschien heb je ook wel al eens in gezelschap gelachen als een boer die kiespijn heeft, terwijl je het eigenlijk helemaal niet leuk vond. Lach eerlijk en vriendelijk.

We leven in een wereld waar ruwe taal aanvaard is om te spotten en dingen belachelijk te maken. Alles kan in de naam van ‘humor’. Het gelach en de humor die ik zoek, is die waarmee ik met opgeheven hoofd naast de Heer kan staan. Dit zorgt er voor dat ik ook oppas voor sarcasme of kwetsende humor.

Een goed ontwikkeld gevoel voor humor

is de pool

die balans toevoegt aan uw stappen,

terwijl u loopt

op het koord van het leven.

(William Arthur Ward)

Hugh B. Brown zei:

A wholesome sense of humor

will be a safety value

taht will enable you

to apply the lighter touch

to heavy problems,

and to learn some lessons

in problem solving

that

‘sweat and tears’

often fail

to dissolve.

Lachen is gezond! Gebruik de lach wijs. Gebruik hem op een vriendelijke manier. Lach eerlijk, lach zoals je bent. Te hard proberen grappig te zijn is niet meer grappig. Hou van je eigen lach, of die nu hoog, breed, laag of dun is. En help kinderen het belang van lachen in te zien. Leer hen het wapen van humor te gebruiken, zodat ze explosieve situaties kunnen ontladen. Leer hen dat ze zo kalmer kunnen worden onder druk. Leer hen dat lachen broodnodig is.

Al gelachen vandaag? Doen!
Want met een twinkel in onze ogen en liefde in ons hart kunnen we een drager zijn van licht en hoop.

 

 

De tuin van mijn leven

blog tuinen

De periode van tuinbeurzen en tuinbezoeken is volop aan de gang. Er zijn er die beweren dat de Engelse tuinen de mooiste van de wereld zijn. Hoewel ik eveneens enorm gecharmeerd ben door die romantische tuinen, vind ik de tuinen van Versailles en Keukenhof in Nederland – hoewel heel verschillend van smaak – ook wel prachtig.
Er zijn historische tuinen, botanische tuinen, romantische tuinen, rozentuinen, watertuinen en nog veel meer tuinen.
Ooit wil ik nog eens verdwalen in de tuinen van Claude Monet om zelf te zien of die echt een schilderij zijn. Ook de Lost Gardens of Heligan in Cornwall staat op mijn lijstje. Het schijnt dat je daar in een mytische wereld belandt. Dat lijkt me best wel leuk in deze hoogtechnische wereld.
De hangende tuinen van Babylon fascineren me ook, misschien omdat je deze alleen in vervlogen dromen kan bezoeken.
Ook in ons eigen kleine landje vind je hier en daar prachtige tuinen, zoals de kasteeltuinen van Annevoie.
Ik ga het in deze blog hebben over zo’n tuintje in eigen land, mijn hof.

 

Ik vind het heerlijk om mijn werk even te laten voor wat het is, en om dan een zalig plekje te zoeken in onze tuin. Mijn man en ik hebben hem liefkozend en bewonderend ‘ons klein paradijsje’ genoemd.
Onze hof van Eden kan natuurlijk niet tippen aan de oorspronkelijke paradijselijke tuin.
Eerst en vooral is hij een pak kleiner, lopen we er niet naakt rond, en zijn slangen ver te zoeken. In onze tuin vind je geen boom des levens en de boom van kennis van goed en kwaad groeit er ook niet. We hebben wel een tamme kastanjeboom, een lijsterbes of twee, een paar grove dennen en enkele onbekende sierboompjes. Een vlinderstruik, hulst, een grote azalea en enkele rododendrons zijn een streling voor het oog.
Het liefst van al zit ik aan de vijver. Daar ijveren vrouwenmantel, riet, bies, gele lis, kattenstaart, pijlkruid, waterlelies en nog meer kleurrijke planten om mijn aandacht.
In onze tuin moet ik dikwijls de handen uit de mouwen steken. Zonder mijn handschoenen en een snoeischaar zouden brandnetels, varens haagwinde en nog meer van dat woekerende kruid de macht over nemen.

Ik cultiveer mijn tuin

en mijn tuin

cultiveert mij.

(Robert Brault)

Als ik tijd maak voor mijn tuin, dan leert hij mij heel veel.
Ten eerste, geduld.
Na de winter ligt alles er nogal kaal bij. En als het eerste lentezonnetje voor wat opwarming zorgt, dan hunker ik naar het frisse groen en naar bloemende struiken, en kan de natuur niet vlug genoeg zijn werk doen.
Als ik dan ‘s morgens de gordijnen opentrek en de tuin een goeiemorgen zeg, dan wil ik verrast worden worden met bloeiende waterlelies, dansende libellen en een kwakende kikker. Dan wil ik dat de azaleastruik pronkt met honderden rode bloemetjes. Ik wil citroenvlinders en atalanta’s zien fladderen van struik naar struik.
Maar mijn tuin glimlacht om zoveel ongeduld en opent hier een blaadje, daar een dotterbloem en ginds ontrolt hij de eerste varen.
Geen twee dagen zijn hetzelfde in mijn tuin.
Ik ondervind aan den lijve wat Emilie Barnes bedoelt:

Growth takes time.

Be patient.

And while you’re waiting,

pull a weed.

Zoals ik al eerder zei, moet ik in mijn paradijs werken. God zei tegen Adam en Eva dat de aarde om hunnentwil vervloekt was. Dat houdt in dat het voor hun goed was.
Als ik dan onkruid van tussen de plantjes trek, dan durf ik wel eens dromen van een tuin waar niet in moet gewerkt worden.
Maar als ik  ‘s avonds de gordijnen dichttrek en slaapwel zeg tegen de tuin, dan lacht hij me breed toe. Ik zie de vruchten van het wieden, maaien, knippen en snoeien, en ben gelukkig.

Your life is your garden,

your thoughts are the seeds.

If your life isn’t awesome,

you’ve been watering the weeds

In mijn tuin is er veel plaats
om te spelen en je te verstoppen,
om te praten en te luisteren,
om te snoezelen en te luieren,
om te genieten en te dromen…

Ik hou van bloemen. Eén bloem kan een heel wonderlijk wereldje zijn. Bloemen leren me veel.
Bloemblaadjes,kelkblaadjes, kroonblaadjes, meeldraden en stampers lokken heel wat zoemend, kruipend en vliegend volk. De lange tong van een kolibrievlinder, het gezoem van bijtjes, het rusten van waterjuffertjes, dit alles ontlokt de gedachte dat bloemen niet alleen mooi zijn, maar ook machtig.
Ik groeide op in de jaren zestig en zeventig, de flowerpower periode. Als we al de rekeningen van zaad, gereedschap en andere uitgaven bij elkaar optellen, dan krijgen we een idee wat flowerpower betekent (letterlijk en figuurlijk).

A flower doesn’t think

of competing to the flower next to it,

it just blooms.

Wat minder competitief stilstaan bij de bloemen die rondom ons groeien, zou meer voldoening en minder strijd en afgunst geven.

Ik geniet met volle teugen van mijn tuin die zich stap voor stap ontwikkelt. Ik zorg voor mijn tuin, maar mijn tuin zorgt ook voor mij. Weet je wat hij gisteren tegen me zei:

Munt uit in jouw veld – wees jezelf en ontwikkel je talenten.

Hou je hoofd hoog – besef je waarde en laat je niet hangen.

Verspreid zaadjes van geluk – een glimlach, een knuffel, een luisterend oor.

Voed de vogels – ontvang vrienden, vertel en koester.

Denk zonnig – er zijn al wolken genoeg in het leven.

 

Er zweeft een liedje van Wim Sonneveld door mijn hoofd:

En langs het tuinpad van mijn vader

Zag ik de hoge bomen staan.

Ik was een kind en wist niet beter

Dan dat het nooit voorbij zou gaan.

Met weemoed vlieg ik terug in de tijd en denk aan ‘onzen hof’: een langwerpige tuin, met veel struiken en drie berken. Helemaal achteraan was er een moestuintje en groeide er een perenboom. Ik sluit mijn ogen en zie mijn pa wandelen in onze tuin, ietwat gebogen en zijn handen op zijn rug. Mijn vader inspecteerde dagelijks wat groeide en bloeide. Hij hield van zijn kleine stadstuin.
Ik wist inderdaad niet dat dit beeld ooit verleden tijd zou zijn.

Langs het tuinpad van mijn leven staan hoge bomen en kleine struiken. Er groeien veel bloemen en het wemelt van het leven. Ik zaai, ik plant, ik maai en ik snoei. Maar ondertussen snoeit de Grote Tuinman mij ook. Soms is dat pijnlijk, maar zijn snoei is gefocust op mijn groei.

En aan het eind van mijn tuinpad staat een zalige tuinstoel, hoopvol en uitnodigend te wachten.

 

Plant dreams

Pull weeds

And grow a happy life.

 

En als het een typische Belgische zomer wordt, dan is het misschien een goed idee om you tube te openen en te kijken naar

De Geheime Tuin
(The Secret Garden)

 

Zaaien en groeien

zaaien
zaaien

Vorige week slenterde ik een tuincenter binnen, op zoek naar eenjarige plantjes voor in de tuin. Die zouden, zoals de naam zegt, een jaar moeten meegaan, maar meestal halen ze zelfs niet een jaar. In september, en anders zeker in oktober, hebben ze het welletjes gevonden. Eigenlijk zijn het dus maar halfjarige plantjes, als een zomerse hagelstorm er na een maand al geen korte metten mee maakt.

De geraniums, begonia’s, lobelia’s, surfinia’s en nog meer schoonheden, roepen kleurrijke taferelen op van Zuiderse Franse dorpjes en bebloemde houten bergchalets. Het lijkt in mijn herinneringen dat die bloemenweelde daar prachtiger is. Misschien komt het omdat het licht daar anders is?

De tuinmannen of tuinvrouwen onder ons zijn nu ook druk in de weer. Het zaaiseizoen is immers aangebroken. Wat in de plantenwinkel dan ook een herinneringscode in mijn hersenpan triggert, zijn de zaadjes. Je weet wel, ze hangen aan rekken in tientallen papieren zakjes: radijsjes, sla, bonen, wortels en nog veel meer. Ik zie mijn vader nog zo’n zakje openscheuren en tientallen piepkleine zwarte bolletjes rollen in zijn hand. In een ander zakje zaten dan weer maar een paar dikke bonen.
Groeien daar echt radijsjes uit? Boontjes? Wortelen?
Ik hoor mijn vader nog wijselijk antwoorden; ‘Als je radijsjes zaait, kunnen er geen wortels uit groeien.

Wat je zaait zal je oogsten.

Ik ontdekte al vlug dat alleen zaadjes die aandacht krijgen, groeiden.
Later, op school, liet een juf met ietwat groene vingers ons cressonzaadjes zaaien op een vochtig watje. Het magische was, dat er inderdaad tere cressonplantjes tevoorschijn kwamen. En enkele dagen later waren ze nog lekker ook!
Sommige van mijn zaai- en plantexperimenten mislukten door te veel of te weinig water, door een slechte grond, door een ontsnapte koe (echt waar!), maar meestal door te vergeten dat zaaien maar het begin is.

Plant dromen,

Wied onkruid,

en een gelukkig leven groeit.

Je moet natuurlijk onkruid leren onderscheiden. Ooit was er eens een juf die helemaal geen groene vingers had, maar ze wou wel de klas het wonder van zaaien en oogsten laten ondervinden. Ze wou niet te groot beginnen en de rage van een vierkantemeter-tuin was voor haar de oplossing. Ze kocht allerlei zaadjes en samen met de kinderen zaaide ze kwistig in haar kleine tuintje. Toen de juf ergens opving dat onkruid altijd de kop opsteekt, ging ze ongerust haar tuintje bekijken. Ze zou dat onkruid eens direct leren wie de baas was. Jammer genoeg trok ze ook alle kiemende plantjes uit. Dat jaar was er in een bepaalde klas geen oogst.

 

Een zaadje is bedoeld om te groeien. Een eikeltje kan een kanjer van een eikenboom worden.

De mens is een goddelijk zaad,
bedoeld om te groeien
tot iets wat onmogelijk lijkt.

We groeien lichamelijk, wat op tienerleeftijd heel frustrerend kan zijn. We groeien emotioneel, we leren mee te leven met een ander. We groeien sociaal, hoewel sommigen muurbloempjes blijven. We groeien intellectueel, mede dankzij de verplichte leertijd in ons land. We groeien ook spiritueel, ook al zie je in deze eeuw een flinke groeiachterstand bij een enorme hoeveelheid mensen. Nochtans is deze geestelijke groei, volgens Elizabeth Kübler, de enige reden van ons bestaan op aarde.

Om in de richting te groeien die we willen, zullen we een boom in onze tuin steunen, leiden en snoeien.
Om zelf in de gewenste richting te groeien, zullen we bewuste keuzes moeten maken. Iets wild laten groeien, levert zelden de gewenste vruchten op. Daarom is snoeien noodzakelijk.

Je krijgt niet wat je wilt,
maar wat je voor je innerlijke groei nodig hebt.
(Annemarie Postma)

 

Groeien als mens, ons ontplooien, ons ontwikkelen, vooruitkomen in het leven, dit vergt geloof, wijsheid en geduld, en is soms een pijnlijk proces.
Soms durven we onze comfortzone niet verlaten en houden we op die manier onze groei tegen.

Er waren eens twee zaadjes die naast elkaar op een vruchtbare grond lagen. Het ene zaadje zei: ‘Ik wil groeien!’
Het wilde zijn wortels diep in de grond voelen en door de aarde heen naar boven uitbreken. Het wilde met zijn tere knoppen de komst van de lente aankondigen. Het wilde de warmte van de zon op zijn gezicht voelen, en de morgendauw op zijn blaadjes.

En dat zaadje groeide en groeide!

Het tweede zaadje zei: ‘Ik ben bang!’
Het was bang voor wat hij in de donkere aarde zou tegenkomen,  als hij zijn wortels naar beneden zou laten groeien. Hij was bang om zijn tere knoppen te beschadigen, als hij door de aardkorst zou breken. Hij was bang dat als hij zijn blaadjes zou uitrollen, ze misschien door een slak zouden worden opgegeten. Hij was bang dat als hij zijn bloesems zou openen, een klein kind ze misschien zou afbreken. Dus wachtte hij liever tot de kust veilig was.

Het zaadje wachtte en wachtte.

Toen kwam er een kip voorbij.
Ze vond het zaadje
en pikte het op.

We moeten durven groeien! Als we onze dromen willen laten uitkomen, moeten we er aan werken, hard werken. Dat vergt tijd, keuzes maken, soms een pleziertje opgeven, het kan ook een mislukking opleveren, ontgoocheling, pijn. Maar als we blijven wachten om iets te proberen, zouden die dromen wel eens diep begraven kunnen worden.

We weten allemaal dat het gras niet groeit door aan de sprieten te trekken, maar door de wortels water te geven. Daarom maakt de grasmaaier na zomers regenweer zoveel overuren.

Maar opgepast! Harry Mulish zei niet voor niks:

Een boom die zo hard wil groeien

dat hij zijn wortels uit de aarde trekt,

zweeft niet ten hemel,

maar valt om.

 

Een van de bijbelverhalen die me veel heeft laten nadenken is het verhaal van de zaaier. Voor degenen die er niet vertrouwd mee zijn:

Zie, een zaaier ging eropuit om te zaaien.
En toen hij zaaide, viel een deel van het zaad langs de weg; en de vogels kwamen en aten het op.
Een ander deel viel op steenachtige plaatsen, waar het niet veel aarde had; en het kwam meteen op, doordat het geen diepte van aarde had.
En toen de zon opgegaan was, verschroeide het; en doordat het geen wortels had, verdorde het.
Een ander deel viel tussen de dorens; en de dorens kwamen op en verstikten het.
En weer een ander deel viel in goede aarde en gaf vrucht, het ene honderd-, het andere zestig-, en een ander dertigvoudig.
(Mattheus 13)

Hetzelfde soort zaad kwam op bepaalde plaatsen niet op, verdorde, verstikte en groeide. Het lag dus niet aan het zaad. De grond was de reden waarom het ene zaad groeide en het andere niet, of onvoldoende. Het eerste zaad kan je vergelijken met het verhaal van het zaadje en de kip. Als we zelf niets ondernemen, kunnen we niet groeien. Bye bye droom. Zaad tussen de stenen zou kunnen betekenen dat ik te vlug ben, geen wortels heb, en bij de minste tegenslag opgeef. Bye bye droom. Zaad tussen de dorens groeit eerst, maar wordt verstikt door de zorgen, de drang naar erkenning en rijkdom. Bye bye gelukkige droom. Het laatste zaad groeit en bloeit, maar is het je opgevallen dat niet alle zaad evenveel vruchten draagt? Er volgt geen oordeel op deze vaststelling. We zijn allemaal verschillend getalenteerd. Veel mensen sporten graag en veel, maar weinigen zijn topsporter. Veel mensen spelen graag muziek, maar weinigen zijn topmusici. Veel mensen schrijven graag hun gedachten neer, maar weinigen zijn topschrijvers.
Misschien zit er ook een waarschuwing in dat we onze dromen niet moeten vergelijken met een ander.

Er zijn piepkleine zaadjes en grote zaadbollen. Zou het niet fijn zijn moest ieder mens elke dag een zaadje planten. Moest iedereen overal waar hij komt iets achterlaten,
iets moois,
een geweldig idee,
een prachtige droom,
een helpende hand,
een schouderklop,
een brede lach.

Laat ieder dag een zaadje achter. Je zal zien, eens worden ze een tuin die je toelacht.

 

Gedachten over moederschap

 

moeders blog

 

 

 

Moederdag: We kunnen er niet om heen. Hoewel de commerce er een handeltje van maakt, vind ik een boeketje bloemen toch wel lekker ruiken op zo’n dag. Iedereen heeft een moeder, en daarom eerst en vooral:

 

 

 

Bedankt ma,

om mij en mijn twee zussen en broer op de wereld te zetten
en om ons te steunen en te helpen.

Bedankt ma,

om mij te laten zien hoeveel je van pa hield
en hoe dapper je hem tot het eind verzorgd hebt.

Bedankt ma,

voor je voorbeeld
en je liefde.

 

In de kring van mijn leven zijn er vrouwen die geen moeder zijn. Vroeger bekroop me in hun nabijheid dan soms een schuldgevoel om zelf wel moeder te zijn. Maar is moederschap gekoppeld aan kinderen baren? In de Liahona, oktober 2001 las ik een mooi artikel over de vrouw en het moederschap, geschreven door Sheri L. Dew. Ik haal een klein stukje aan:

Het moederschap omvat meer dan kinderen krijgen. Het is de kern van wie we zijn als vrouw. Het is een beschrijving van onze identiteit, onze goddelijke status en aard, en de unieke eigenschappen die onze Vader ons gegeven heeft. God heeft in vrouwen iets goddelijks geplant.
Terwijl wij geneigd zijn om het moederschap alleen in verband te brengen met kinderen krijgen, heeft het woord ‘moeder’ in de taal van de Heer verschillende betekenissen. Eva werd de moeder van alle levenden genoemd nog voordat ze ooit een kind had gebaard.
Alle vrouwen hebben de taak om lief te hebben en de opgroeiende generatie te leiden. Kijk om u heen. Wie heeft u en uw invloed nodig? Als wij echt iets goeds tot stand willen brengen, dan zal dat gebeuren als we zorgen voor degenen die we het leven hebben geschonken, en voor degenen voor wie we willen zorgen.

 

Op 24 september 1979 werd mijn eerste kind geboren. Op diezelfde dag werd ik ook opnieuw geboren: ik was moeder geworden.
Trillend van emotie nam ik voor ‘t eerst mijn kleine jongen in mijn armen. Negen maand had ik hem dicht bij mijn hart laten groeien. Nu had ik de verantwoordelijkheid om hem te helpen alleen verder te groeien. Nog drie keer gaf ik leven aan een nieuw mensenkind, een meisje en nog twee jongens. En telkens werd mijn hart groter. Biologisch gezien heeft een hart vier kamers, maar emotioneel heeft mijn hart er door de jaren heen heel wat liefdevolle kamers bijgekregen.

Moeder worden, is een wonder

Moeder zijn, een heel gedonder.

En net als vele moeders, heb ik dikwijls geworsteld met de vraag of ik het wel goed deed. Ik had een pedagogisch diploma op zak en veel van die opgedane theoretische kennis kon ik als moeder in de praktijk toepassen. Dat was dikwijls fijn, maar gaf ook veel frustraties. Mijn kinderen liepen niet op de lijntjes van mijn cursus, ze hadden elk nood aan een specifiek op maat gesneden moederlijke aanpak.

There is no way

to be a perfect mother,

but a million ways

to be a good one.

 

Net als alle moeders voor en achter mij, kreeg ik er meer dan een persoonlijkheid bij. En het switchen van het ene type naar een ander kon vliegensvlug gebeuren.

Ik was een tovenaar en kon sprookjes en raadseltjes uit mijn mouw schudden. Aan witte konijnen heb ik me niet gewaagd, maar met goudvissen, schildpadjes, dwerghamsters en zwerfkatjes toverde ik veel verwondering en glinster in de ogen van mijn vier sloebers.

Ik was een beschermengel, zonder vleugels, maar met supersnelle reacties als het er op aan kwam.

Ik was een kokkin die spruitjes en witloof een zoetere smaak gaf; die cupcakes bakte voor het een rage was en die pannenkoeken als een hemels gerecht voorstelde op verjaardagsfeestjes.

Ik was een adviseur die raad gaf, subtiel en direct, voor dovemansoren en voor gretige luisteraars, in het bos en op het strand, in de winkel en op een feestje, van ‘s morgens aan tafel tot ‘s avonds in bed.

Ik was een politie agent die het huiselijk verkeer leidde, een detective die waarheid van leugen trachtte te onderscheiden.

Ik was een vertelster, een financiële coach, een verpleegster, een helderziende, een modecoach, een poetsdame, een lerares, een sportcoach, een taxichauffeur, een uitvindster, een psycholoog, een moeder …

The joy of motherhood

comes in moments.

There will be hard times

and frustrating times,

but amid the challenges

there are shining moments

of joy and satisfaction.

(M.Russell Ballard)

 

Ik heb veel geleerd in mijn mama-zijn, over mezelf en over vele andere dingen.
J.Soares zei:

Het geduld van een moeder is als tandpasta.
Hoeveel je er ook van gebruikt,
er is altijd nog een beetje over.

Iedereen moet geduld ontwikkelen in zijn leven: wachten aan de kassa, in de wachtkamer van een dokter, wachten op genezing, wachten op begrip, … Door mijn kinderen heb ik pas geleerd wat geduld is: uren in de rij gestaan voor een oudercontact, voor een gesigneerd boek en voor de ingang van een pretpark. Uren geworsteld over schoolresultaten, vriendenkeuze en beroepskeuze …

Ik ben door mama te zijn, ook beter geworden in het organiseren. Het was van te moeten. Want een raam vol vingerafdrukken, wasmanden met was, wasmanden met strijk en bijna verongelukken over rondslingerend speelgoed, dat alles zorgde meer dan eens voor een kort lontje. Dus het was organiseren geblazen, met vallen en opstaan, met to-do-lijstjes en zonder, met een week- en dagplanner, met een takenlijst voor heel het gezin.

Je bent blij als alles vlotter loopt. Je bent blij als de kinderen eindelijk slapen. Je houdt onvoorwaardelijk van hen, maar op het eind van de dag ben je zo moe, zo moe. Je wil rust. Om kwart over zeven wakker worden, voelt als uitslapen.

Mothers are all slightly insane. (J.D.Salinger)

Een van mijn gekke gedragsveranderingen was dat ik dingen ging verstoppen: koekjes, sleutels, stylo’s ( nu zou ik zeker mijn IPad en IPhone een veilig plaatsje geven), stiften, afstandsbedieningen, enzovoort. Want voor ik het wist, waren deze dingen onvindbaar, of ze lieten sporen achter die duizend irritaties opriepen.

Als je mama bent, dan vind je moeilijk nog een plaatsje voor jou alleen. Zelfs de WC deur vliegt wijd open. Je schrikt je rot en even floept het idee van een deurslot in je vermoeide hersenpan. Maar dit beeld wordt vlug verdrongen door een horrorbeeld van een krijsend kind dat niks begrijpt van je instructies hoe je een deur moet openen.
En dat zalige badkamermoment kan je ook enkele jaren vergeten. Schrap het woord ‘zalig’ en verander ‘moment’ in ‘momentjes’.

Ik ontdekte in mijn prille moederschap dat ik een kannibalentrekje had. Ik zou mijn kinderen zo kunnen opeten hebben! Later ontdekte ik tot mijn verbazing dat ik ook sadistische neigingen had. Er was een periode dat ik mijn kinderen achter het behang wilde plakken, of een paar jaar in de diepvries wou steken.

Being a mother is

learning about

strenghts you didn’t

know you had …and

dealing with fears you

didn’t know existed.

(Linda Wooten)

Na ongeveer 10 jaar te hebben geprobeerd een goede mama te zijn, ging ik een nieuwe taal studeren: de Aliëntaal.  Zoon- en dochterlief hadden de taal en de gebruiken van een Aliën ontwikkeld. Je bent waarschijnlijk niet verbaasd als ik zeg dat deze studie mij bloed, zweet en tranen heeft gekost. Maar zo plotseling als dit buitenaards gedrag gekomen was, zo plotseling was het ook verdwenen. De volgende quote illustreert heel goed de super power die mama’s dienen te ontwikkelen als er puberende kinderen in huis rondwaren:

Opvoeden vraagt

de kracht van Samson,

de wijsheid van Salomo,

het geduld van Job,

het geloof van Abraham,

het inzicht van Daniël

en de moed van David.

De verhalen van deze personen staan in de Bijbel. Ik heb veel van deze mannen geleerd bij het opvoeden van mijn kinderen.
Voor ik moeders in spé afschrik met hoge kosten, onbegrip en vele tranen, wil ik verklaren in dikke letters:

Ik hou er van om moeder te zijn.

Want ondanks de zwangerschapsstriemen, de slapeloze nachten, de schijnbaar eindeloze zorgen, heb ik me ook nooit zo trots, zo blij en zo geliefd gevoeld!
En het mooie publieke geheim aan dat mama-zijn, is dat er een prachtige beloning op volgt:

Kleinkinderen

Mijn hart heeft weer een heleboel kamers bijgemaakt en mijn taak is niet om die mensjes op te voeden, hoewel ik zeker met nog meer begrip en liefde

ze zal knuffelen en opeten
ze raad zal geven
ze verhalen zal vertellen
met hen zal spelen
met hen zal lachen
met hen zal wenen

 

Een geweldige jonge mama schreef:

Hoe kan een mens toch zoveel van een kind houden dat je er graag een groot deel van je vrijheid voor opgeeft? Hoe kan aardse liefde zo sterk zijn dat je je vrijwillig aan verantwoordelijkheid, kwetsbaarheid, onrust en hartzeer blootstelt en toch steeds om meer blijft vragen? Wat voor aardse liefde kan je doen voelen, zodra je een kind hebt, dat je leven nooit en te nimmer meer van jezelf is? Moederliefde moet wel goddelijk zijn (Liahona oktober 2015).

Moederkensdag, we kunnen er niet om heen. De commerce heeft er een handeltje van gemaakt, maar toch vind ik zo’n dag wel fijn.

 

http://youtube.com  it was mom: a mother’s day tribute to Moms