Pasen, het feest van de grootste overwinning ooit.

Pasen, de allerbelangrijkste feestdag voor Christenen. Het is niet Kerstdag maar Pasen, omdat zonder Pasen er geen reden zou zijn om Kerstdag te vieren.
Op Pasen gedenken we de opstanding van Jezus Christus, de overwinning op de dood. Voor alle mensen ooit. Dat is ongelooflijk goed nieuws en daarom is het ook heel passend dat we over ‘het evangelie’ van Jezus Christus spreken, het goede nieuws, de blije boodschap.

Ongelooflijk goed nieuws? Voor vele mensen is dit inderdaad niet te geloven. Ze houden het bij paaseieren en de paashaas. Maar de verrijzenis is wel echt gebeurd, er zijn vele getuigenverslagen. De opstanding van Jezus Christus is een van de zorgvuldigst vastgelegde gebeurtenissen in de geschiedenis. Ik geloof het en vele anderen ook.

‘Als Jezus uit de dood is opgestaan,
is Pasen
geen
eitje.’
(visje)

De week voor Pasen gebeurt er van alles in het leven van Christus. Je kan dit lezen in het Nieuwe Testament en de verschillende schrijvers ervan hebben het in hun perspectief geschreven.
Samengevat rijdt Jezus op zondag op een ezel Jeruzalem binnen. Een hele hoop mensen gaan uit hun bol van blijheid en met palmtakken en hosanna-kreten verwelkomen ze Hem als de langverwachte Koning. De hele stad was in opschudding en men vroeg zich af: ‘Wie is Dat?’ Is Hij een timmerman, een filosoof, een grote leraar, een profeet, een genezer, een vernieuwer, een bevrijder, een oproerkraaier, of is Hij de Zoon van God?

In plaats van de Romeinen buiten te zwieren, heeft Jezus het op maandag op de kopers en verkopers in de tempel gemunt.
‘Je hebt van Mijn huis een rovershol gemaakt’, zegt Hij en vijandelijke gedachten wortelen nog dieper bij de leidende geestelijke klasse.

Dinsdag is een dag waarop Jezus belangrijke leerstellingen onderwijst in diepzinnige parabels. Hij spreekt over Zijn vertrek en Zijn wederkomst. Hij veroordeelt de verwaandheid en de schijnheiligheid van schriftgeleerden en farizeeërs. Die besluiten dat het welletjes was geweest en beramen een plan om Jezus te doden.

Judas Iskariot vindt het ook allemaal maar niks meer en de volgende dag besluit hij zijn Meester te verraden. Voor de prijs van een slaaf verkoopt Judas zijn ziel.

Op donderdag stelt Jezus het avondmaal in en begint Hij in de Hof van Getsemane, onder eeuwenoude olijfbomen, de prijs af te lossen voor alle zonden, zwakheden en onvolkomenheden van de hele mensheid. Als een willoos lam laat Hij, die legioenen engelen kan roepen, zich gevangennemen.

Vrijdag zien we een onrechtvaardig verhoor, een illegaal proces, zweepslagen, het gruwelijke kruis en een vlugge begrafenis.
De aarde reageert geschokt. De zon verstopt zich uit schaamte, rotsen kreunen en beven, en de voorhang van de tempel scheurt middendoor als de Zoon van God zichzelf offert om de onsterfelijkheid en het eeuwig leven van de mens tot stand te brengen.

Gelukkig worden op zondag alle tranen, verdriet, onbegrip en twijfel triomfantelijk weggeblazen door de verrijzenis van Jezus Christus. Russell M Nelson zei daarover: ‘De opstanding van de Heiland was de uiteindelijke overwinning, het ultieme wonder, gewrocht uit voorsterfelijke ordening, onbeschrijflijke kwelling en goddelijke macht uit de hemel. Uit die ondoorgrondelijke macht, die door de liefde, alwetendheid en almacht van Zijn Vader mogelijk was gemaakt, werd Jezus Christus de ‘Eersteling’ van de opstanding.’

‘Lieflijke morgen, van Gods licht vervuld;
zie, hoe het zonlicht de schepping verguldt.
Hemel en glorie weerschijnen in ’t graf
sinds Hij verrees, ’t eeuwig leven ons gaf.’
(lofzang ’t Licht van de morgen’)

O ja, er is ook nog zaterdag. Een dag die we lijken te vergeten. Alles lijkt stilgevallen te zijn op die zaterdag voor Pasen. Jezus’ levenloze lichaam ligt stil in een graf. Een grote steen verspert niet alleen de toegang voor mensen, maar ook het geluid van binnen en buiten. Het is stil, doodstil.
De wereld draait verder, maar veel stiller. Weg zijn de hosanna-kreten, weg de spotters, weg de treurenden. Het is in Jeruzalem echt een doodstille zaterdag.

Als ik aan Pasen denk, dan zijn vrijdag en zondag wel de hoogtepunten: het lijden en de overwinning.
Maar toch is er ook zaterdag, die stille zaterdag. Een dag die het geloof op de proef stelde.
Het maakte de discipelen waarschijnlijk wel zenuwachtig, die zaterdag zonder geluid. Hoe moest het nu verder met hen?
Misschien waren ze ook wel een beetje opstandig. Ze begrepen het niet. Jezus had mensen uit de doden opgewekt, waarom kon Hij dit niet bij zichzelf dan? En waar was God dan? Waarom had Zijn Vader niet ingegrepen?
Ze zullen bang geweest zijn, moedeloos …

Hebben wij allemaal ook niet af en toe zulke zaterdagen? De periode tussen moeilijkheden en oplossingen? Tussen verdriet en vreugde? Tussen vragen en antwoorden? Tussen twijfels en het weten?
Zijn wij dan soms ook niet teleurgesteld, opstandig, moedeloos?
Het zou zelfs kunnen dat er dan een zaadje van twijfel ontkiemt: Bestaat God wel? Als Hij bestaat, waarom reageert Hij dan niet? Waarom blijven antwoorden weg? Als God echt van me houdt, waarom helpt Hij mij dan niet? Als Hij met me meevoelt, waarom geneest Hij mijn hart dan niet?

In Psalmen 16:10 lezen we:

‘Want U zult mijn ziel in het graf niet verlaten.’

Als ik dit vers laat doordringen, dan krijg ik de geruststelling dat God me niet alleen laat op mijn stille zaterdagen. De stilte betekent niet dat Hij afwezig is, of te druk bezig met andere dingen, of onverschillig. De stilte heeft me iets te leren.

Want alle vlees
is in Mijn handen;
wees stil en weet
dat Ik God ben.’
(L&V101:16)

Stille zaterdagen hebben een doel. Als al ons ongemak direct verholpen zou worden, of al onze vragen direct opgelost zouden worden, alle verdriet ineens zou verdwijnen en alle twijfels plotseling  in de grond zouden worden geboord, zouden we dan de genezing of het antwoord voldoende appreciëren? Zouden we medeleven kunnen ontwikkelen?

Misschien is het ook wel de bedoeling om geduld te leren, om geestelijke spieren te ontwikkelen, om vol te houden.
We ondervinden en begrijpen dan wat Johannes schreef:
‘Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn Eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat eenieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.’ (Johannes 3:16)

Liefde is troost in droefheid,
stilte in tumult,
rust in onrust,
hoop in wanhoop.
(Henry Drummond)

Als jij je nu geplet voelt tussen een vrijdag en een zondag, vertrouw dan op die stille zaterdag.

Jezus overwon de dood. Hij is verrezen!

Wees blij en vier Pasen!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Zomeruur, licht en Pasen.

Het is zomeruur. Dat betekent dat we de klok een uur verder gedraaid hebben en dat 10 uur 11 uur geworden is. Dat de overheid zo’n konijn uit de hoed haalt is ongelooflijk, en nog wel voor het hele land en een groot stuk van de wereld. In mijn gewoon dagelijks leven zou ik ook wel eens de klok zomaar een uur willen terugdraaien of ineens verder zetten. Floep! Mooie dingen een uur langer beleven, minder leuke dingen vliegensvlug voorbij draaien.

De tijd is te traag voor wie wacht,
te snel voor wie bedeesd is,
te lang voor wie treurt,
te kort voor wie zich verblijdt,
maar voor wie het heeft
is de tijd eeuwig.
(R. Hoemakers)

Maar alle tijd en konijnen in hoeden ten spijt, hebben jullie last van het zomeruur?
Ik moet er toch altijd een beetje aan wennen. Mijn biologische klok heeft ’s morgens een vast uur. Elke dag word ik op ongeveer hetzelfde tijdstip wakker. Met het zomeruur voelt mijn ‘klok’ zich bedot. Ze wordt geforceerd om me nu een uur vroeger wakker te krijgen en als je mij kent is dat niet zo simpel. Gelukkig protesteert mijn lichaam maar een paar dagen en dan heeft mijn innerlijke klok zich bij het zomeruur neergelegd. Dus last? Niet echt veel.

Ik ben wel blij dat het langer licht is. In de lente lengen de dagen sowieso, maar met dat zomeruur erbij kan ik nog extra van het licht genieten.
Ik ben een ‘lichtmens’. En geef nu ook toe: licht is leven, niet?
Dat brengt me ook bij een belangrijke feestdag: Pasen. Dat christelijk feest geeft me altijd zo’n blij gevoel. Niet alleen om de mooie herinneringen van paasklokken en chocolade eieren die verstopt en gevonden werden, maar ook omdat de Paastijd me als mens enorm aanspreekt en mijn ziel verlicht.

Aan Pasen is een naam gekoppeld die bijna iedereen in de wereld kent, maar waarbij toch heel weinig mensen zijn die deze persoon echt kennen. Die naam is Jezus Christus.
Wie is Jezus? Waarom zou Hij vandaag nog belangrijk zijn?
Om te beginnen is Jezus een voornaam, net zoals Pieter en Seppe. Christus is geen achternaam, maar een titel. Die betekent ‘de Gezalfde’.
Die titel duidt erop dat Jezus geen gewone man was, of zelfs de beste leraar ooit. Hij is de beloofde Messias waarover in het Oude Testament geprofeteerd wordt. Hij zou alle mensen redden van zonde en dood (alle, daar vallen wij dus ook onder). Jezus verklaarde tijdens zijn leven zelf dat Hij de Zoon van God was. Ik geloof dat. Hij deed vele wonderen zoals zieken genezen, blinden laten zien, doven laten horen en Hij wekte zelfs doden weer tot leven. Zijn grootste wonder is dat Hij eeuwig leven en geluk aan alle mensen kan geven, we moeten alleen maar in Hem geloven en ons best doen zijn leringen te volgen. Maar mensen zijn mensen, en we maken allemaal fouten – grote en kleine. Soms falen we compleet en zitten we in zak en as, of in een diepe put. En dat is precies de reden waarom Jezus naar de aarde kwam en waarom Hij vandaag nog zo belangrijk is voor ieder van ons.

En voorts zeg ik u dat
er geen andere naam,
noch enige andere weg of middel,
zal worden gegeven waardoor
redding tot de mensenkinderen kan komen,
dan alleen
in en door de naam van
Jezus Christus,
de almachtige Heer.
(Mosiah 3: 17)

Om te kunnen begrijpen waarom Jezus zo belangrijk is, is een vergelijking misschien wel op zijn plaats:

Er was eens een man die zo graag iets wou hebben. Het was zijn grootste droom en hij had er alles voor over, dus ging hij een grote schuld aan om zijn grote verlangen waar te kunnen maken. Men had hem verwittigd hoe gevaarlijk zulke grote schulden wel zijn en hoe er met de schuldeiser niet te lachen viel. Maar de man tekende het contract. De einddatum lag ver in het verschiet en hij was er gerust in dat hij zijn schuld op tijd zou kunnen aflossen. Hij was blij, want hij had nu wat hij wilde.
Het leven ging verder met zijn ups en downs, met hard werken en met pleziertjes, met voorspoed en met tegenslag. Maar de schuldeiser had een vast plekje in zijn gedachten. Af en toe deed de man een afbetaling en stiekem hoopte hij dat de dag van de ultieme afrekening nooit zou aanbreken.
Maar die dag komt altijd voor iedereen, en dus ook voor die man. Het contract was verlopen en de schuld niet afbetaald. De man besefte dat hij zijn schuld nooit kon aflossen en dat de schuldeiser al zijn bezittingen kon opeisen en hem zelfs in de gevangenis kon steken. Hij vroeg:
Kan ik niet meer tijd krijgen?’
Kan je mijn schuld niet kwijtschelden?”
Kan je me geen genade tonen?’
De schuldeiser vond genade maar eenzijdig, daar had hij niks aan. Hij vroeg:
Geloof jij in recht? Ik wil gerechtigheid! Jij hebt het contract getekend en de wet is dat jij betaalt of gestraft wordt. Het is niet de bedoeling dat genade de gerechtigheid kan beroven.’
Als jij mijn schuld niet kwijtscheldt, dan is er geen genade!’ smeekte de man.
Als ik dat doe dan is er geen gerechtigheid!’antwoordde de schuldeiser.
Het leek erop dat er geen manier was waarop zowel de genade als de gerechtigheid tevreden zou zijn. En toch is die manier er! Maar dan is er nog iemand anders voor nodig.
De schuldenaar had een vriend die hem heel goed kende en die wist hoe kortzichtig en gek hij was geweest. Maar die vriend wilde hem helpen omdat hij van hem hield. Hij werd een middelaar. Hij betaalde de schuld en zo was de gerechtigheid tevreden. De middelaar regelde een afbetaling met zijn vriend en zo kreeg die genade.

Als we dit verhaal projecteren op ons eigen leven, dan hebben we allemaal een zekere ‘geestelijke schuld’, en op een dag zal de afrekening komen.
Dit lijkt misschien voor velen, zo niet voor iedereen, de ver-van-mijn-bed-show. Hoe kan dat nu? We zijn toch baas over ons eigen leven? Is er wel een leven na de dood waarin de afrekening komt? Ik ben toch een goed mens?
Vele mensen die een bijna-doodservaring beleefden, vertellen allemaal hoe belangrijk het is om hier goed te doen voor iedereen. Ze beklemtoonden dat het leven dat we hier leiden, ons leven aan de andere kant bepaalt.
Maar niemand is volmaakt, we kunnen allemaal meer helpen, beter helpen, meer doen, beter doen.
En de wet der gerechtigheid zal de aflossing eisen. Gelukkig is er een Middelaar.

Want er is één God en ook één middelaar tussen God en mensen,
de mens Christus Jezus,
die zich gegeven heeft tot een losprijs voor allen.
(1 Timotheüs 2: 5)

Door de genade van Jezus Christus kunnen wij, na alles wat we zelf konden doen, gered worden.

Pasen is het feest waarop de christelijke wereld de verzoening en de opstanding van Jezus Christus herdenkt. Ik kan zeker niet uitleggen hoe Jezus het lijden, de pijnen, de zonden en alle onvolmaaktheden van heel het mensdom op zich genomen heeft, en hoe Hij daar de schuld voor betaalde. Ik kan ook niet uitleggen hoe het kon dat Hij – die zeker dood was- levend werd en zo de deur van de onsterfelijkheid voor alle mensen opende. Geestelijke dingen kunnen niet uitgelegd worden op een stoffelijke manier.
Ik geloof in God en in Jezus Christus, in de opstanding en in een eeuwig leven, en als jij daar ook in gelooft dan weet je hoe moeilijk het is om anderen te vertellen wat je voelt. Ik probeer op deze blog mijn woorden zorgvuldig uit te zoeken en probeer niemand te kwetsen of de indruk te scheppen dat gelovigen ‘beter af’ zijn. Ik kan je maar een schets bieden van hoe ik God echt zie. Ik geef je een onafgewerkt product van mijn gevoelens over Zijn liefde en mijn plaats daarin, een ruw beitelwerk over hoeveel meer Licht ik daardoor ervaar.

The miracle of
RESURRECTION,
the ultimate cure,
is beyond the power of modern medicine.
But it is not beyond the power of God.
(Paul V. Johnson)

Zomeruur, Licht en Pasen. Voor de ene een geestelijke bezinning, voor de andere een familiefeest met eitjes. Geniet van al het licht.

Paasgedachten.

Het lege graf

Pasen is het belangrijkste feest in de christelijke wereld. Op die dag vieren de christenen de verrijzenis van Jezus, zijn opstanding uit de doden. Het is een dag van hoop op en geloof in een eeuwig leven.

The day the Lord created hope
was probably the same day
He created spring.
(Bern Williams)

Het woord ‘Pasen’ komt van het Syrisch-Arabisch ‘Passah’ wat staat voor huppelen en dansen. Het is een feest omdat de zon de overwinning behaald heeft op de donkere wintermaanden. Licht dat duisternis overwint, een fantastische reden om te huppelen en te dansen, toch?
Er is ook het Pesach, een van de belangrijkste feesten van de Joden. Het Joodse volk herdenkt dan de uittocht uit Egypte, waar ze enkele duizenden jaren geleden in slavernij veel lijden en miserie ondervonden, en waar de God van Israël hun een nieuw leven gaf. Bevrijding uit slavernij en een nieuw leven … geweldig toch om te herdenken en te feesten?
Er is ook een heidens lentefeest ter ere van Eastra of Ostara, de Germaanse godin van de lente en de groei. Vandaar het Engelse woord ‘Easter’. Alles zien groeien en bloeien, een fijne tijd om allerlei feesten te organiseren toch?

Spring is nature’s way of saying:
‘Let’s party!’
(Robin Williams)

Toen ik klein was brachten de paasklokken de paaseieren. Nu brengt vooral de paashaas die chocolade lekkernij.
Volgens de katholieken vliegen de klokken op witte donderdag hun kerktoren uit richting Rome. Daarom hoort men op de dagen voor Pasen geen kerkklokken luiden. Op Pasen keren ze vreugdevol terug en strooien onderweg eieren voor de kinderen. Mijn ouders riepen dat ze de klokken hadden zien vliegen en dan stormden mijn broer, mijn zussen en ik onze tuin in om eieren te zoeken.
De protestanten moesten van een reis naar Rome niets weten en kozen een ander symbool voor de paastijd: de paashaas.
Ik hoor je al vragen ‘Waarom geen paaskonijn?’
Het blijkt dat de haas vruchtbaarder en waakzamer is dan het konijn. De eitjes mogen niet breken en moeten goed verstopt worden, daarom is het de paashaas die druk in de weer is op Pasen.
Klokken of hazen, ze brengen allebei eieren want die zijn al eeuwen symbool voor vruchtbaarheid en nieuw leven. Ook waren ze voor het gewone volk na 40 dagen vasten een echt feest om te eten.

Iedereen heeft in zijn kindertijd wel eieren gezocht, denk ik. Ik vond het magisch en spannend. Mijn kinderen waren ook enthousiaste zoekers en het is een plezier om de kleinkinderen achter alle struiken en bomen, onder stoelen en banken, de eitjes te zien zoeken. Soms wel eens zonder hun besef een ‘dubbel’ gezoek, want de ‘paashaas’ verstopte in ’t geniep de gevonden eitjes opnieuw.
Af en toe gebeurt het wel eens dat een eitje op Pasen niet gevonden wordt en dat pas dagen later een leuke vondst wordt gedaan, of dat een gesmolten chocolade brei de verstopplaats verraadt.
Het verstoppen van eieren gaat honderden jaren terug in de tijd.
Boeren begroeven kippeneieren in hun akkers in de hoop dat ze hun vruchtbaarheid zouden doorgeven aan de grond. Het is pas in het begin van de 20ste eeuw dat chocolade paaseieren in de mode raakten.

Wie heeft er geen eieren beschilderd?
Ik herinner me nog dat het uitblazen van de eieren een heel karwei was. We moesten meestal zo’n zes uitgeblazen eieren (per kind!) meebrengen naar school, waarschijnlijk met het idee om toch één ei heelhuids terug thuis te kunnen brengen. Mijn vader was het ‘blaasslachtoffer’. Ik heb het wel eens geprobeerd hoor, zo’n ei uitblazen langs een piepklein gaatje. Het leverde alleen een vuurrood hoofd met bolle wangen en uitpuilende ogen en meestal een kapot geknepen ei op. Maar het schilderen en versieren vond ik leuk, ook het pannenkoekenfestijn, de eierkoeken en de cake gemaakt van het binnenste van de eieren.
Onze voorouders geloofden dat ze de kracht van eieren konden versterken door ze te beschilderen. Ze gebruikten vooral felle kleuren om het contrast te beklemtonen tussen de grauwe winter en de uitbarsting van kleur in de lente.

Easter is more than
eggs and candy.

Ik las ergens over een paastraditie die ontstond na de Tweede Wereldoorlog. De communistische partij wilde dat men aan de kinderen onderwees dat er geen God was. De grootmoeders maakten zich serieuze zorgen dat hun nakomelingen zouden opgroeien zonder iets te weten over Jezus Christus. Dus hielden ze elk jaar op Pasen een middernachtmis. Daarna bleven de kinderen de hele nacht op om eieren rood te kleuren. Voor het Servische volk waren deze rode eieren het symbool voor het eeuwige leven van Jezus Christus. Want volgens sommige legendes had Maria Magdalena witte eieren bij het graf van Christus achtergelaten en die eieren waren na de opstanding rood geworden. In Servië gingen de mensen de ochtend na de middernachtmis van deur tot deur. Degene die op de deur klopte zou zeggen: ‘Christus is verrezen.’ De persoon aan de andere kant van de deur zou antwoorden: ‘Inderdaad, Hij is verrezen.’ En dan zou hij de bezoeker een rood ei als geschenk geven. Het rode ei betekende geluk. Elk gezin gaf zo’n rood ei een speciale plaats in huis tot de volgende Pasen.

The tomb of Christ is famous
because of what it
DOES NOT CONTAIN.
(Sam Morris)

En daarbij kom ik dan aan mijn persoonlijke mening over Pasen. Ik weet echt dat Jezus Christus uit de dood verrezen is. Ik ben geen theoloog die je met allerlei diepzinnige woordspelingen een uiteenzetting komt geven over het ‘bovennatuurlijke’.
Ik geloof dat op de derde dag na de kruisiging van Jezus er een grote aardbeving was. De zware grafsteen was weggerold. Enkele vrouwelijke discipelen kwamen vroeg in de morgen naar het graf en brachten specerijen mee:

‘Zij nu vonden de steen afgewenteld van het graf. En toen ze naar binnen gegaan waren, vonden zij het lichaam van de Heere Jezus niet. En het gebeurde toen ze daarover in twijfel waren, zie, twee mannen stonden bij hen in blinkende gewaden…en zij zeiden tegen hen: Waarom zoekt u de Levende bij de doden? Hij is hier niet, maar Hij is opgewekt.’ (Lukas 24: 2-6)

Er is niets in de geschiedenis dat deze bekendmaking evenaart: Hij is niet hier, maar Hij is opgewekt.

Hoe weet ik nu zeker dat dit waar is? En ik niet alleen, hoe kunnen mensen nu geloven dat de dood niet het einde is? Dat we ‘daarboven’ verder leven? Dat we onze geliefden zullen terugzien? Dat we zullen verrijzen?
Ik heb net als zoveel andere mensen – geleerd en ongeleerd- ervaren dat er méér is op deze aarde dan dat wat we met onze ogen zien, met onze oren horen en met onze handen kunnen aanraken. Er zijn dingen gebeurd in mijn leven die verstandelijk niet uit te leggen zijn, maar die tot in ’t diepste van mijn cellen een waarheid bevestigd hebben.
Met wetenschappelijke bewijzen zullen we, wat ons eeuwig heil betreft, au fond weinig mee bereiken. O ja, de wetenschap heeft ons al heel wat dingen aangereikt die ons leven prachtig beïnvloed hebben, maar ze heeft ook op andere gebieden verschrikkelijke rommel verzonnen.

Het verstand kan ons dikwijls van dienst zijn,
maar er komen momenten
waarop het geen enkele invloed meer uitoefenen kan
op de dingen die geschieden.
Daar staat je verstand bij stil,
zeggen we dan.
Op die momenten
geeft het geloof ons kracht
en voelen we de eenheid
van natuur en bovennatuur.
(Toon Hermans)

In de bijbel staan veel getuigenissen over de verrijzenis van Jezus Christus:
De verrezen Heer verscheen aan verschillende vrouwen, aan de twee discipelen op weg naar Emmaüs, aan Petrus, aan de apostelen, aan meer dan vijfhonderd broeders tegelijk, aan Paulus.
In het Boek van Mormon lezen we dat Christus na zijn opstanding ook verschenen is aan volkeren in Meso-Amerika.
Hedendaagse profeten, waaronder Joseph Smith, hebben ook van Hem getuigd, en op verschillende plaatsen in de wereld zijn er oude verslagen die over de verschijning van de opgestane Christus gaan.
Ja, maar kan een rationeel mens dat nu echt geloven?
Fernand Keuleneer antwoordde op die vraag:

Rationaliteit wordt in onze maatschappij
nogal vaak verenigd tot
wat waarneembaar en meetbaar is.
Is het niet irrationeel te denken
dat de rationaliteit zich daartoe beperkt?
(Knack 01-02-2017)

Ik bied je dus geen geleerd stukje aan, maar zoals Toon Hermans het stelde: ‘Ik spreek uit eigen ervaring en verbeeld me dat ik vanuit die ervaring een bepaalde gedachte kan aanreiken waar u eventueel iets mee kunt doen.’

In 1 Korintiërs 15: 22 staat: ‘ Want zoals allen in Adam sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden.’
De letterlijke opstanding uit de dood voor iedereen die hier ooit leefde en stierf is een schriftuurlijke zekerheid. Die zekerheid leeft ook in mijn binnenste. De Heer belooft in Johannes 14: 19: ‘…want Ik leef en u zult leven.’

Ik weet dat mijn Verlosser leeft! Hij leeft, mijn Licht, mijn Levenszon! Hij leeft, mijn Koning, Priester, Heer!
Niets dat mij zoveel blijdschap geeft: Ik weet dat mijn Verlosser leeft!

Laten we huppelen, dansen en feesten voor de hoop en de zekerheid op een eeuwig leven!
Vrolijk Pasen!

Terreur , Pasen en een bloemenveld.

bloemenveld

Ik wou een leuke tekst schrijven over narcissen, paashazen en chocolade. Een tekst over Pasen en mijn diep geloof in Jezus Christus. Maar na de aanslagen in Brussel kan ik niet anders dan ook iets schrijven over mijn verdriet, onmacht en boosheid, over geloof en ongeloof en over het gevaar van ’t scheren over die ene kam.

Toen ik in de jaren ’60 een klein meisje was, kwam niet ver van ons huis, een eerste Marokkaans gezin wonen. Ik vond het spannend en heel exotisch: de kleren, de henna, de van kleine pareltjes gemaakte armbanden, de glitter en de speciale geuren. Er was geen wantrouwen, alleen een nieuwsgierig exploreren van een andere wereld.

 

Culturele uitwisseling

is een brug

die  wederzijds begrip en vriendschap

bevordert tussen

mensen van verschillende landen.

 

Mijn opgroeien verliep heel westers; mijn scholen en mijn vrienden waren witter dan wit. Racisme was een woord met een vuile klank uit het verre Amerika en Zuid-Afrika. In Vlaanderen kabbelde het leven rustig voort. Ons dorp was onze wereld. Niet veel jaren later is de wereld ons dorp geworden. En zo komt het dat ons land een mix van nationaliteiten is geworden. Veel Belgen hebben verre roots, en met die achtergrond kleurden vreemde eet- en kledinggewoontes , en andere religies het vlakke Vlaamse land.

Ik hou van de natuur. Mijn man heeft me liefde voor de bergen bijgebracht. Ik kijk er elke zomer naar uit om te gaan wandelen in die prachtige bebloemde alpenweiden. Ook in ons eigen land kan ik genieten van de vele veldbloemen, die sommigen onkruid noemen. Misschien kunnen we als mens iets leren van de gevolgen van extreme monocultuur. Hoe zouden de alpenweiden eruitzien met maar één of twee soorten bloemen? Hoe mager zijn onze Vlaamse velden geworden? Ik vraag me af of een van mijn kleinkinderen al een korenbloem heeft zien bloeien tussen het graan …

 

Gelukkig zijn we niet allen gelijk…

We zouden elkaar niet nodig hebben!

 

Maar, wil het samenleven harmonieus verlopen, dan moet temidden van al die menselijke diversiteit, wederzijds respect en verdraagzaamheid groeien. Respect voor het anders-zijn,, verdraagzaamheid voor andere tradities en gewoontes. Is het niet prachtig om in een land te leven waar men vrij is om te denken, vrij om te zijn gedacht te zeggen, vrij om te kiezen welk kapsel men wil of welke modestijl je wil volgen, vrij om te bepalen welke studie je wil volgen, vrij om je beroep te kiezen, vrij om te geloven en vrij om je geloof uit te oefenen.

Keuzevrijheid is niet alleen de kern van onze samenleving,

maar ook de kern van mijn christelijk geloof.

Maar! Ook vrijheid heeft zijn grenzen. Een keuze mag nooit ingaan tegen de rechten van de mens. Tolerantie heeft zijn grenzen. Extremisme is nergens goed voor. Terrorisme is een van de duisterste kanten van het mensdom. Met geloof op zich, heeft dit niets te maken. Wel met het verkeerd uitleggen van bepaalde geloofsstellingen. Malala Yousafzai, zelf het slachtoffer van terreur, zei terecht:

 

The best way to fight terrorism is not through guns.

It’s through pens, books,teachers and schools.

 

Natuurlijk moeten we niet lam toekijken. Dezelfde Malala zei ook: “Terrorism will spill over if you don’t speak up.”

Dat reageren mag echter niet verward worden met haatreacties. We hebben ze allemaal wel genoeg gehoord en gelezen: Alle vreemdelingen buiten! Islam is terreur! Oorlog aan de moslims! Godsdiensten zijn dodelijk! … Wat doen we als we beledigd worden, als we verkeerd begrepen of oneerlijk behandeld worden? Wat doen we als we gekwetst worden? Slaan we terug? Sturen we een steeds grotere strijdmacht? Is het oog om oog en tand om tand? Je moet wel weten dat dan uiteindelijk heel de wereld blind en tandeloos wordt.

Christus zei: Heb uw vijanden lief; zegen hen die u vervloeken; doe goed aan hen die u haten; en bid voor hen die u beledigen en vervolgen (Matteus 5:44)

Deze leerstelling is erg moeilijk om na te leven, zeker na een harde terreurconfrontatie. Maar stel je eens voor, als we dit zouden proberen, wat dit bij ons thuis zou teweeg brengen. Of als onze buurt dit zou leven? Of als ons dorp dit zou steunen?

We mogen ook niet iedereen over de gelijke kam scheren. Het is een oude uitdrukking en als we de diepere betekenis ervan begrijpen, dan zien we in dat we dit inderdaad niet kunnen doen. Letterlijk betekende de uitdrukking: de draden van het weefgetouw altijd over dezelfde kam spannen (scheren). De weverskam is het hulpmiddel waarmee de draden van het weefgetouw op de juiste afstand worden gespreid. Altijd dezelfde kam gebruiken is niet bepaald slim, je moet als wever immers verschillende stoffen kunnen maken: smal, breed, fijn geweven, grof geweven, enz. Zo kon alles over één kam scheren de volgende figuurlijke betekenis krijgen: alles/iedereen ten onrechte op dezelfde wijze behandelen. (uit ‘Onze Taal)

 

Terrorisme bevechten is gebaseerd op angst,

vrede promoten is gebaseerd op hoop.

(Greg Mortenson)

 

Ik heb deze week al her en der gelezen dat we moeten stoppen met over hoop praten en je vijand vergeven, maar dat we hard moeten terugslaan. Maar ik geloof echt dat de enige manier waarop we vrede over de hele wereld zullen krijgen, niet alleen zal gebeuren door ons verstand te onderwijzen, maar ook door ons hart en onze ziel te onderwijzen.

 

I truly believe

the only way

we can create

global peace

is through not only

educating our minds

but our hearts

and our souls.

Malala Yousafzai

 

Er zijn mensen die de bijbel een ‘bloedboek’ noemen. er zijn er ook die geloven in de bijbel ouderwets vinden. Is het ouderwets om in God en in zijn Zoon, Jezus Christus te geloven? Is het niet meer modern om in zijn zoenoffer en de opstanding te geloven? Zo ja, dan ben ik maar ouderwets en niet modern.

Howard W. Hunter zei: ‘ De wereld waarin we leven, dicht bij huis of ver weg, heeft het evangelie van Jezus Christus nodig. Het evangelie verschaft de enige manier waarop de wereld ooit vrede zal vinden. We hebben een vreedzamer wereld nodig die ontstaat uit vreedzamere gezinnen, buurten en gemeenschappen. Om een dergelijke vrede te verwerven en te ontwikkelen moeten we anderen liefhebben, zowel onze vijanden als onze vrienden. We moeten anderen in vriendschap de hand reiken. We moeten vriendelijker, zachtaardiger, vergevingsgezinder en minder snel kwaad worden. Gods handelswijze is voornamelijk gebaseerd op overreding, geduld en lankmoedigheid, niet op dwang of harde confrontatie.’

De krantenkoppen schreeuwen ons de problemen van de wereld toe. Luidruchtige minderheden proberen onze innerlijke vrede te laten wankelen. Maar als we onze naaste liefhebben en geloven in het zoenoffer van de Heiland, krijgen we een stille zekerheid dat alles zin heeft. We kunnen in een prachtige, rustige omgeving wonen, maar ons innerlijk niet goed voelen door wantrouwen en onenigheid. Aan de andere kant kunnen we temidden van de verwoesting van een terreuraanslag een serene, onbeschrijfelijke vrede voelen.

In deze wereld van verwarring en terreur, kan de eenvoud van de paasboodschap vrede bieden. Als we de eenvoudige waarheden bestuderen die Jezus onderwees, kan er een dynamische motiverende invloed in ons leven schijnen.

Een aantal jaren geleden heb ik Israël bezocht. Ik heb aan het Meer van Galilea gezeten en mooie woorden en verhalen bestudeerd. Ik heb in de Hof van Getsemane gestaan en gemediteerd over zoveel lijden. Ik ben bij Golgotha, de Schedelplaats geweest, en getracht de gruwel van de kruisiging te begrijpen. Ik heb in een lieflijke tuin voor de lege graftombe gestaan en nog nooit zoveel dankbaarheid gevoeld. Voor sommigen kan de leer van de letterlijke opstanding vreemd schijnen, maar zonder de opstanding zou het evangelie van Jezus Christus een opsomming van wijze gezegden en schijnbaar onverklaarbare wonderen zijn – gezegden en wonderen zonder de uiteindelijke overwinning. De opstanding van Christus brengt de onsterfelijkheid en de mogelijkheid tot eeuwig leven.

 

Het kostte God niets,

zover wij dat weten,

om mooie dingen te maken;

maar de opstandige mens veranderen,

kostte Hem

de dood van Zijn Zoon aan het kruis.

(C.S.Lewis)

 

Hij is niet hier, maar Hij is opgewekt’. Die woorden bevatten alle hoop, zekerheid en geloof om ons in dit soms moeilijke leven te sterken. Voor mij is dit geen kruk om beter te kunnen wandelen, voor mij is dit de motivatie om een beter mens te zijn en te worden. Ook al doet zoveel ellende me pijn en voel ik me machteloos om bepaalde duistere krachten te stoppen, de innerlijke vrede in mijn hart biedt troost voor wat er gebeurt, en geeft zekerheid dat het goede overwint.

 

The

SAVIOR

is the source of

TRUE PEACE.

Even with the trials of life, because of the

SAVIOR’S ATONEMENT

and

HIS GRACE,

righteous living will be rewarded with

PERSONAL PEACE.

Quentin L. Cook

 

Laat de Paashaas of de Paasklokken maar komen, laat de kinderen chocolade eitjes zoeken. Lach en speel, geef onrust en verdriet een plaats, en neem de tijd om even stil te staan bij Pasen.

# Hallelujah